Een reactie plaatsen

De angst dat je niet alles kunt doen

Op een luie, lome dag, wanneer mijn lief en ik moe zijn, hebben we meestal zin in maar een paar dingen. De dag beginnen in bed met koffie en koekjes en de dag eindigen met eten bestellen, daar een veel te dure maar heerlijke wijn bij drinken en een film kijken. Daar tussenin bezoeken we dan graag kringloopwinkels. In onze woonplaats zijn er genoeg om er een hele middag mee te vullen.

Mijn lief duikt direct op de boeken en alles wat met fotografie te maken heeft, van objecten om te fotograferen tot lenzen. Voor mij is de kringloopwinkel een goudmijn aan plantenpotjes voor mijn aanwassende binnentuin en spullen voor één van mijn vele creatieve liefhebberijen en alle projectjes die nog in mijn hoofd zitten die Ooit Op Een Dag uitgevoerd gaan worden.

Aan zeker tachtig procent van al die projecten zal ik nooit beginnen of wel begin maar nooit afmaak. Om de simpele reden dat er niet genoeg uren in een dag, week, maand, jaar of überhaupt een mensenleven zit. Zoals een therapeut ooit aan mij vroeg of ik alles wel zou kunnen doen als ik mij negen keer kon klonen en ik alleen maar zachtjes en enigszins teleurgesteld nee kon schudden.

In de kringloop moest ik bij ons laatste bezoek dan ook weer met pijn in mijn hart het zoveelste prulletje, waar ik wel weer een creatieve bestemming voor had, laten liggen. Mijn lief wees mij erop dat ik last van FOND had. Als antwoord op mijn vragende blik zei hij: “fear of not doing”. We dachten dat hij dit zojuist zelf had verzonnen en vonden het een briljante vondst. Maar na wat gegoogle kwam ik erachter dat het een serieuze term is. Na de FOMO (fear of missing out) is de FOND een ding.

FOND is het onrustige gevoel dat je van alles zou kunnen maar simpelweg niet alles kúnt doen. FOND en FOMO kunnen elkaar overigens ook behoorlijk in de weg zitten. Want als je ook nog eens met je snoet overal bij wil zijn én alles wil doen, wanneer moet je dan slapen? Vermoeiend hoor.

Mijn omgeving heeft er soms best last van dat ik niet zo goed niks kan doen en zelfs de katten vinden mijn lief vaak leuker omdat die wél een hele middag kan zitten lezen zodat ze op zijn schoot kunnen kruipen. Toch zie ik het niet als een slechte eigenschap dat ik altijd bezig ben. Er zijn gewoon veel te veel leuke dingen om te doen! Tegenwoordig word ik eerder blij van de dingen die ik wel kan doen en niet meer ongelukkig van alles wat ik niet kan doen. Dus ooit had ik FOND, toen werd het DOND (disappointment of not doing) en tegenwoordig is het toch meer AOND (Accepting of not doing) of misschien wel HOD (Happiness of doing). En ondertussen droom ik lekker verder over alles wat er nog meer mogelijk is.

2 reacties

Onthulling: Ik ben niet perfect!

Er is iets waar we allemaal in meer of mindere mate last van hebben: cognitieve dissonantie. Ofwel een verschil tussen hoe iemand handelt ten opzichte van de overtuigingen van die persoon. 

Om maar meteen met de zeer aanwezige billen bloot te gaan kan ik zeggen dat ik mijzelf nog niet lang geleden daarop betrapte toen ik vol schaamte aan een collega bekende dat ik mij een slag in de rondte bestelde op AliExpres. De collega liet een zucht van verlichting ontsnappen omdat ze ontdekte dat ik toch ook gewoon maar een mens ben die soms stomme dingen doet. Voor mij weer een eye-opener. Graag presenteer ik mij als wereldverbeteraar maar ik had niet door dat het soms druk legt op de mensen om me heen.

Mijn verzamelwoede op AliExpres en aanverwante sites had een oorzaak. Zoals altijd had ik me weer eens in een aantal hobby’s tegelijk gestort en om het budgettair een beetje in de hand te houden was ik op zoek naar betaalbare materialen. Die vond ik daar in overvloed en voor een prikkie. Voor ik het zelf in de gaten had kwam er wel elke dag een pakje binnen met macramé-touw, poppenhuisspullen, kralen, borduurspullen en natuurlijk kleding. Het was verslavend, voelde alsof ik jarig was want je weet nooit wanneer iets bezorgd wordt en soms was ik gewoon vergeten wat ik besteld had.

Tijdens het gesprek met mijn collega drong tot me door wat ik had gedaan. Ik, die altijd strijdt voor gelijke rechten, tegen slavernij en het uitbuiten van mens en dier is. Ik, die zich meer dan zorgen maakt over de toekomst van de planeet en daarmee de mensheid. Ik bestelde goedkope, slecht geproduceerde rommel uit China, Korea en weet-ik-veel-waar. Plastic troep die ongetwijfeld gemaakt was door uitgebuite mensen of misschien zelfs kinderhandjes.

Een mooi voorbeeld van het één zeggen en het ander doen. In mijn hoofd rechtvaardigde ik het eerst nog maar toen ik het eenmaal hardop had uitgesproken kon ik er niet meer omheen. Voortaan zou ik mijn klikhandje bedwingen en op zoek gaan naar duurzame alternatieven. Dat betekent een flinke aanpassing in mijn uitgavenpatroon maar ik kan mijzelf niet meer recht in de spiegel aankijken als ik niet iets meer mijn best doe.

Toch voelde het gek dat ik daar zo was ingestonken. Want als veganist zie ik één van de beste voorbeelden van cognitieve dissonantie dagelijks om mij heen. Ik ken namelijk heel veel lieve, mooie mensen die gek zijn op (huis)dieren, tegen dierenleed zijn en zeer bezorgd zijn om het milieu, maar die toch anderen betalen om dieren in het verschrikkelijke systeem van de bio-industrie te laten leven en vervolgens te laten vermoorden. Die het verband niet leggen tussen ‘het stukje vlees’ op het bord of het glas melk en de uitbuiting van varkens en koeien. Die link heb ik al wel eerder gelegd en ik merk dat anderen mij daarom soms als de vervelende vegan ervaren. Ik vertegenwoordig de belichaming van de dissonantie tussen het handelen en de overtuiging op het gebied van dierenleed. Vandaar de opluchting van mijn collega toen bleek dat ook ik niet perfect ben.

Voor een ieder die het tot nu toe volgehouden heeft om dit stuk te lezen en nu een beetje ongemakkelijk op een stoel aan het schuiven is heb ik nog een geruststellende boodschap. Het gaat namelijk niet om een enkeling die in alle opzichten perfect leeft. We hebben ze nodig hoor, die mensen die ons op fouten wijzen maar daar gaan we de wereld en onszelf niet mee redden. Het gaat om kleine stappen: elke keer dat je bewust de fiets pakt in plaats van de auto, elke keer dat je voor een plantenburger kiest, elke keer dat je de verleiding weerstaat om toch dat toffe goedkope shirt te kopen. En vooral elke keer dat je het aandurft om je eigen acties onder ogen te zien en er wat mee doet.

Tot slot wil ik jullie de aanleiding om het hier over cognitieve dissonantie te hebben niet onthouden. Het voorbeeld hiervan waar ik zelf enorm om moest lachen kwam ik van de week tegen: Een man die met een sigaret in zijn mond vertelde dat hij geen vaccinatie tegen corona wilde hebben omdat je niet weet  wat het op lange termijn doet en misschien wel een chip of stoffen bevat waarmee er controle over ons brein plaats gaat vinden. In een sigaret zitten naast nicotine, een flink aantal stoffen die verslaving in de hand werken, die het brein in slaap sussen en het lichaam ontvankelijker maken om er meer van te willen. Over manipulatie en brein controle gesproken. Daarnaast weten we van sigaretten heel goed wat ze op langere termijn aanrichten. Maar hey, als ex-roker weet ik maar al te goed hoe je die kennis onder tafel veegt wanneer je nog volop in je verslaving zit.

Waarvoor steek jij je kop in het zand?

Een reactie plaatsen

De kleine rode kater en de tetanusinjectie

Het begon zo rustig. Het was vrijdagochtend. De wekker ging en ik werd wakker in de wetenschap dat ik nog een paar uur moest werken en ‘s middags vrij zou zijn dus mijn hoofd werkte direct op volle toeren. Wat zou ik met die heerlijke vrije middag doen? Beetje opruimen en schoonmaken in de hoogste versnelling. Boodschappen doen, zodat wanneer vriendlief weer thuis zou komen na een paar dagen weggeweest te zijn, we niets meer meer hoefden te doen in het weekend. Alleen maar lekker eten maken en genieten van elkaars gezelschap.

Zoals altijd lag er een kat bovenop me. Dit keer was het Bowie, een grote, lompe, lieve, boeren kater. Jaffa kwam er ook bij. Ooit werd hij zo genoemd vanwege het sinaasappelmerk. Jaffa is namelijk een rode kater. Chili of Dynamiet was toepasselijker geweest. Want zo lief als hij kan zijn, zo fel en bazig is hij ook. Bovendien ken ik geen kat die zo bezitterig en jaloers is als hij. Een gevecht tussen Bowie en Jaffa dreigde dus ik wilde ze beiden van mij afgooien. Wat er precies gebeurde weet ik niet eens meer, zo snel ging het. Maar het volgende moment hing Jaffa als een draakje aan mijn arm met zijn tanden tot aan het tandvlees in mijn hand. 

Schreeuwend van de pijn wierp ik het kleine stukje explosief van mij af. Het beestje rende weg en ik rende hem in mijn blootje achterna om hem te pakken, wat natuurlijk niet lukte en misschien ook maar beter was. Furieus als ik was had ik niet in de gaten dat ik hevig bloedde. Toen ik omkeek zag ik wat ik had aangericht.Van de slaapkamer tot de keuken en vandaar naar de huiskamer lag een bloedbad. Knalrode spetters zaten tegen deuren en keukenkastjes. Het zag eruit als een scène in een film van Quentin Tarantino. Iets bij zinnen gekomen ruimde ik de troep op en ik kan zeggen dat bloed opruimen niet zo simpel is als films ons doen geloven. Verdomd moeilijk spul om weg te poetsen. Ik zou het niet goed doen als moordenaar die zijn sporen moet uitwissen.

Nou word ik als huisgenoot van vier mini tijgers wel vaker gekrabd of gebeten maar het verliep nu toch wat anders. Om 10:00 uur waren mijn hand en pols twee keer zo dik en ik belde de huisarts om te vragen of dat kwaad kon. De assistente vroeg nog net niet: “wat denk je zelf, idioot?”. Ik moest direct langskomen en ik prees mij gelukkig dat ik dat lopend af kon want de pijn was inmiddels zo erg dat fietsen of autorijden er niet meer in zat. Het was maar een wandelingetje van 15 minuten en de zon scheen.

Bij de huisarts kreeg ik antibiotica en een tetanusprik voorgeschreven. Die moest ik wel even bij de apotheek gaan halen en dan terugkomen om de injectie te laten zetten. Weer een wandelingetje van 15 minuten heen en 15 minuten terug. Geen probleem, wat extra beweging kon geen kwaad. Het wandelingetje terug moest nog even op zich laten wachten want de arts had nog een verklaring bij het recept moeten sturen. Tetanusinjecties blijken een schaars goed te zijn. Dus na eindeloos wachten en heen en weer gebel, gemail en tussendoor naar huis lopen om toch nog wat te werken, kon ik pas terug met de injectie op zak. Bij de huisartsenpraktijk trof ik alleen de stagiaire. Ze durfde de prik niet te zetten want dat had ze nog nooit gedaan en de huisarts zou pas een paar uur later weer aanwezig zijn. Omdat ik niet zo een zin had om haar proefkonijn te zijn riep ik grootmoedig: “Geen probleem, ik kom wel terug als de arts er is” en was al bij de deur voordat ze er erg in had. Daar ging ik weer. Einde van de middag kon ik weer terug en na in totaal twee uur heen en weer wandelen kreeg ik dan eindelijk de Tetanusinjectie.

Van mijn gezellige vrije middag is niks meer terecht gekomen. Dus nu zit ik in een rommelig huis, met een lege voorraadkast en een hand als een opgeblazen siliconen handschoen. Wijze levensles: Een ongeluk zit soms in een klein rood katje.

Een reactie plaatsen

Invloed met impact

Mijn mailbox vulde zich deze week met reclame. Niet dat het een nieuw gegeven is. Het laatste jaar heb ik vrijwel alles wat ik wilde kopen, behalve de wekelijkse boodschappen, online besteld. En doodmoe van alle cookies en voorwaarden die er geaccepteerd moesten worden heb ik wel eens te vaak hier en daar een vakje aangeklikt dat ik beter ongevuld had kunnen laten. 

De inhoud van de reclamemails irriteerde me wel meer dan normaal. Dat is ook niet nieuw. Elk jaar rond deze tijd valt het me weer op dat bedrijven schaamteloos internationale vrouwendag gebruiken om hun producten te verkopen. Helaas wordt het weggezet als een soort moederdag of een ‘lekker verwendagje voor jezelf’.

Waarom dat kwalijk is, is omdat het afleid van de werkelijke boodschap. Het roept de gedachte op of het nog wel nodig is om vrouwendag in stand te houden. Om nog maar te zwijgen van de mannen die roepen wanneer het dan een keertje mannendag is. 

Internationale vrouwendag heeft elk jaar een thema. Dit jaar is het: invloed met impact. Een fijn positief thema waar iedereen iets mee kan. Veel mensen vragen zich af wat voor een invloed ze nou werkelijk hebben. Laat staan invloed wat ook nog eens een enorme impact zou hebben. Maar we hebben meer invloed dan we denken. De manier waarop we onze kinderen opvoeden, iemand aanspreken op gedrag of foute grapjes of onze eigen blinde vlekken durven te onderzoeken heeft heel veel impact.

Wanneer je daarmee dwars tegen de heersende norm in gaat kan dit soms voelen als vechten tegen de bierkaai. Je bent al snel een zuurpruim wanneer je niet lekker mee lacht om het zoveelste denigrerende schoonmoedergrapje. Zelfs door het schrijven van dit stukje kan ik weggezet worden als zeikwijf. Dat moet dan maar. Al plant ik in mijn hele leven maar een paar zaadjes in hoofden van enkelen, het gaat invloed en  impact hebben. Want elke keer dat we met elkaar besluiten om het anders te doen breidt de olievlek van invloed zich uit.

De invloed van reclame hoef ik niet toe te lichten. Het zou bedrijven sieren om in plaats van het zoveelste make-upje of badschuimpje tegen korting aan te bieden, hun invloed aan te wenden om echt impact te maken op het gebied van vrouwenrechten. Wend de winst die gemaakt wordt door de vercommercialisering van deze dag eens aan om vrouwen een betere positie in de wereld te geven. Verkoop voor mijn part iets bij de boodschap die je uitdraagt: “Hier heeft u uw vrouwenrechten en zal ik de blender erbij inpakken?”

Internationale vrouwendag is nog steeds nodig. Zolang vrouwen nog niet in elke bedrijfstak meedoen, zolang vrouwen nog niet de helft uitmaken van de politiek, zolang meisjes en jongens nog met een ander wereldbeeld opgevoed worden en het overgrote deel van de vrouwen zich te vaak niet veilig voelt is het nodig. Laat mij maar eens meemaken dat het niet meer nodig is. Ik ben de eerste die de vlag zal uithangen. Maar zolang die dag er nog niet is zal ik op de (schriftelijke) barricaden blijven staan. Lekker ruikend door een parfum uit de aanbieding. Dat dan weer wel. 

1 reactie

Nederigheid

Nederig

Op de socials zie ik vaak van die ‘inspirerende teksten’ langskomen. En hoewel ik daar normaal gesproken van smul, valt me de laatste tijd iets op waar ik me een beetje aan begin te ergeren. Het is het woord ‘humble’. Be humble, oftewel wees nederig. Hoezo zou dat goed voor je zijn. Ik krijg er de kriebels van. Nederig zijn brengt je geen steek verder. Bij dankbaar kan ik me nog wel wat voorstellen. Maar ook dat vind ik een jeukwoord wanneer het om dingen gaat waar ik zelf toch wel degelijk invloed op heb gehad. Misschien is het een allergie die ik uit mijn opvoeding heb meegenomen. Mijn vader kwam uit een gereformeerd gezin en had daar een enorme hekel aan elke vorm van religie van overgehouden. “Een god bedanke voor het brood wat op me bord legt? Daar heb ik GVD (hij vloekte flink) heel wat meters over de grond voor motte kruipe (hij was woningstoffeerder)”. 

Denk niet dat ik arrogant ben. Verre van dat. Ik ben blij met alles wat goed gaat in mijn leven. Maar ik geloof nu eenmaal meer in geluk hebben en toevalligheden, gecombineerd met wat je zelf veroorzaakt. Mijn wiegje heeft toevallig in een goed land gestaan. Het gezin waarin ik ben opgegroeid was gelukkig een warm nest en ik heb een goede start gekregen. Wanneer iemand iets voor mij betekent of mij een kans geeft ben ik diegene natuurlijk dankbaar. MIjn ouders ben ik zeker dankbaar. Maar een algemene dankbaarheid vind ik een beetje raar. 

Nederigheid zou je kunnen vertalen naar dat je niet alles zomaar voor lief neemt. Datgene wat je vandaag denkt te hebben kan morgen niet meer van jou zijn. De dood van geliefden heeft mij geleerd dat je je de ene minuut nog onoverwinnelijk kan voelen en de volgende minuut de bodem onder je hele bestaan weggeslagen kan zijn. 

Maar voor mij heeft nederigheid de klank van kleinhouden. Je hoofd niet boven het maaiveld uitsteken, gewoon maar meedoen met de rest en je kont vooral niet tegen de krib gooien. En ik ben mezelf dankbaar dat ik daar niet aan mee doe. In die zin moeten we niet nederig zijn maar juist zelf nadenken, opstandig zijn en wanneer het nodig is de derriere met een flinke zet tegen de krib gooien. Het is goed voor een mens om het maaiveld te overzien. Wel handig om je koppie zo nu en dan in te trekken wanneer de maaimachine langskomt maar iedere keer dat je dat doet versterkt dat je nek. 

Dus wat nou nederig? Dat zullen we nog wel eens zien!

1 reactie

Lockdown blues

Het is kwart over zeven. Ik loop naar buiten. Om kwart over acht heb ik in Harderwijk een afspraak voor een coronatest en ik wil niet te laat komen. Gelukkig werk ik bij een organisatie die een eigen teststraat heeft anders had ik langer moeten wachten en nog verder moeten rijden voor een test. Buiten staat een groep mensen in het donker te wachten. Een beetje vreemd, maar ik kijk niet zo snel meer op van gekke situaties sinds ik in het centrum van Almere woon. Daar gebeurt bijna op dagelijkse basis wel wat.

Wat er aan de hand is wordt al snel duidelijk. Een wat oudere man komt naar buiten en de groep begint happy birthday to you te zingen. Ontroerd als ik ben zing ik even mee met het kippenvel dik op de armen. Het lied gaat moeiteloos over in een andere taal, die ik niet versta. Wat ik wel versta is de intentie: geen verjaardag kunnen vieren maar wel laten merken dat de jarige niet vergeten wordt. Ook versta ik het verlangen erachter. Het verlangen om weer samen te kunnen zijn. Mijn dromen gaan over lange tafels vol met eten en heel veel mensen eromheen. Het doet soms fysiek pijn om geen gehoor te kunnen geven aan mijn gastvrijheid.

Met gemengde gevoelens ga ik op weg voor mijn afspraak. Sinds een dag of twee heb ik een raar hoestje en afgezien van zorgen om mijn eigen gezondheid ben ik bezorgd om de mensen om mij heen. Als het corona is, wie heb ik dan besmet? Ook voel ik warmte. Het koor heeft dat in mij losgemaakt. Maar bovenal heb ik een beetje de blues. De lockdown blues.

2 reacties

Een-sterke-onafhankelijke-vrouw-die-geen-man-nodig-heeft

Een wekelijkse blog bijhouden lukt mij al heel lang niet meer, Na de scheiding is mijn leven flink veranderd. Plotseling was ik mijn eigen kostwinner geworden en werkte ik meer uren dan ik ooit gedaan had, er moest een paar keer verhuisd worden, huizen ingericht worden. Ik had het er maar druk mee. Opeens moest ik alles alleen doen. Het huishouden, dieren verzorgen, administratie, klusjes, noem maar op. Niet dat ik me zielig voelde. Het was ‘empowering’ om maar even een Engelse term er in te gooien. Het voelde krachtig en prachtig. Want naast alles betalen kon ik nu ook alles bepalen. Hoe ik leef, wat ik eet, welke keuzes ik maak, hoe ik mijn huis inricht. Niet dat de vader van mijn kinderen zo een tiran is, verre van dat, maar wanneer je al heel jong samen bent gaan wonen is er op het laatst geen onderscheid meer tussen mijn en dijn.

Naast dit alles was ik ook nog op zoek naar de liefde. Want hoe een-sterke-onafhankelijke-vrouw-die-geen-man-nodig-heeft ik ook ben: mijn huid verlangde naar huid, mijn keukenkunsten verlangden naar iemand die dat waardeerde, mijn gekke en serieuze invallen hadden een toehoorder nodig. Je kunt praten tegen katten maar hun antwoorden zijn beperkt.

De drukte verdrong mijn creativiteit. Mijn liefde voor schrijven leek verdwenen te zijn. Geen inspiratie meer. Angst om ervoor te gaan zitten. De drempel werd te hoog. De beren stapelden zich op de weg op en ik vond mezelf terug met eeuwig mijn telefoon in mijn hand. Grappige filmpjes kijken, reageren op reaguurders en interessante artikelen delen op de socials. Het bracht mij niets dan afleiding. Afleiding van wat mij zoveel meer brengt.

De liefde heb ik weer gevonden. Na een, op zijn zachts gezegd, interessante tijd van tinderen en daten, ontmoette ik de man waarmee ik het volgende avontuur aanga. Een creatieve geest die mijn creativiteit stimuleert. Samen maken we plannen. Ik schrijf weer. Misschien publiceren we ooit nog wat samen, wie weet. Hij brengt mij rust en zet me aan tot denken. Stimuleert mij om mijn ideeën om te zetten in daden. Begrijpt het wanneer ik in een ‘flow’ zit waardoor ik tijd en eten vergeet. Het gebeurt hem zelf ook, dat ontroert me.

Ja, ik ben een-sterke-onafhankelijke-vrouw-die-geen-man-nodig-heeft maar ik vind het verdomd heerlijk om mijn leven en huis te delen met deze lieve man.

2 reacties

De dag dat mijn moeder geen Olie van Olaz meer gebruikte

“Zal ik je haar borstelen?”, vroeg ik. Met haar ogen dicht knikte ze van ja. Niet meer in staat om nog geluid voort te brengen. Zachtjes borstelde ik het zachte korte haar van mijn moeder en ging weer tegenover haar zitten. De borstel legde ik weer terug en ik pakte het potje Olaz crème op. “Wil je dit op?” Vermoeid schudde ze haar hoofd. 

Zolang als ik me kan herinneren gebruikte ze Olaz als dagcrème. Door haar steevast nog aangeduid met ‘Olie van Olaz’ hoewel het merk al diverse naamsveranderingen onderging. Ze ging de deur niet uit zonder die crème, poeder op haar wangen, roze lippenstift en haren en wenkbrauwen keurig gekamd. IJdel tot aan haar laatste dagen. 

Dat juist die dag haar laatste zou zijn kon ik op dat moment nog niet weten maar dat het niet meer lang zou duren voordat het voorbij was, zoveel was wel duidelijk. Ze was ziek en kon nauwelijks nog ademhalen.

Die ochtend kwam ik tegelijk met de verzorgende binnen die mijn moeder kwam wassen en aankleden. Om haar niet voor de voeten te lopen deed ik de afwas en maakte ik alvast thee met één klontje suiker, zoals ze dat altijd had gedronken. De verzorgende zei: ”Uw dochter is er ook”, waarop ik mijn hoofd om de hoek stak. Haar gezicht klaarde op, er verscheen een brede glimlach en voor het laatst zag ik haar zachte bruine ogen helder van herkenning en blijdschap over mijn komst. Een beeld wat ik de rest van mijn leven met mij mee zal dragen. 

Het wassen en aankleden hadden het uiterste van haar gevergd. Praten was haar teveel dus ik vulde de tijd met gebabbel over van alles en nog wat. Zo liet ik haar mijn nieuwe schoenen zien en vertelde haar dat ik die voor mijn verjaardag had gekregen. “Ik ben vergeten je te bellen met je verjaardag,” zei ze. “Ja“, zei ik: “het is voor het eerst dat ik geen kaartje van je kreeg maar je hebt nu even wat anders aan je hoofd” Het deed haar verdriet. Ze had altijd kaarten gestuurd. Bij elke levensgebeurtenis was er een kaart, ondertekend met: Liefs, Mam en de naam van het dier wat ze op dat moment in huis had genomen. 

‘s Middags kwam het appje: Mam overleden om 14:25 en ik huilde. Niet om haar dood. Ze was 93 en heeft een mooi leven gehad. Ik huilde omdat ik het erg vond dat haar laatste dagen zo moeizaam waren geweest, Ik huilde van opluchting dat het voor haar voorbij was. Maar ook maakte het een reeks van gevoelens los over mijn eigen sterfelijkheid en die van mijn geliefden. Ik huilde om de kaarten in het zo herkenbare handschrift die ik nu nooit meer zou ontvangen van de enige persoon op de hele wereld die ik Mama mocht noemen. 

Mijn tranen drogen. We hebben afscheid kunnen nemen van elkaar en ik heb er vrede mee. En als er een hiernamaals is dan hoop ik dat mijn moeder herenigd wordt met mijn vader met wie ze zo kon lachen.

3 reacties

Bofkont

Het is nog donker. Vanuit mijn raam zie ik het plein waar straks de zaterdagmarkt weer is. De mensen van de markt zijn druk bezig om alles weer klaar te zetten voor een dag hard werken. Een bus stopt bij de bushalte. In de bus zit een enkeling die ergens laat vandaan komt en er zijn er die al vroeg op pad zijn. Met een grote mok koffie in mijn hand blijf ik een poosje staan kijken en voel me intens tevreden.

Een paar maanden geleden nog maar ben ik hier komen wonen. Nadat de vader van mijn kinderen en ik ruim twee jaar geleden besloten niet meer samen verder te gaan moest ik op zoek naar een eigen plekje. Het viel me zwaar. Dat huis waar we als gezin zo fijn hadden gewoond moest ik achter me laten. En na een heel leven het voorrecht te hebben gehad om in huizen met tuinen, aan de rand van een stad, te wonen kwam ik hier terecht. Een appartement midden in het centrum met uitzicht op het plein.

Wanneer me dat een paar jaar eerder voorspeld was, had ik hard gelachen. Midden in de drukte? Ik? Echt niet! Maar het leven loopt vaak niet zoals je denkt dat het moet gaan en soms wordt je voor keuzes gesteld waarbij je wordt uitgedaagd om je vastgeroeste waarden te herzien. En dan blijkt dat er weer andere waardevolle dingen voor in de plaats komen. Eén van de meest waardevolle dingen in het leven is een eigen plek. Een plek waar je je thuis voelt. Gelukkig heb ik weer een thuis gevonden.

Langzaamaan wordt het lichter, buiten maar ook mijn leven. Het laatste jaar is erg druk geweest. De zoektocht naar een woning, twee keer verhuizen en ondertussen een opleiding afmaken naast een drukke baan laat weinig over voor momenten van rust. Wanneer ik terugkijk ben ik verbaasd over mijn eigen veerkracht maar een mens blijkt altijd meer aan te kunnen dan je denkt. Er is weer ruimte voor de leuke dingen in het leven. Ruimte voor creativiteit, liefde, gezelligheid, lang in bed blijven met een boek en voor lang uit het raam staren naar de drukte die zich buiten afspeelt. Ruimte voor even niks te moeten.

Het wordt tijd dat ik naar buiten ga en op diezelfde markt heerlijk verse groente ga halen en misschien koop ik wel een oliebol bij de gebakkraam. Dus ik maak me los van het schouwspel dat zich buiten afspeelt, schenk nog een kop koffie in en vind mezelf een enorme bofkont.

2 reacties

Het systeem en de foutloze maatschappij

In mijn mailbox kreeg ik een berichtje. Of ik even via een linkje een bedrag van 54 euro wilde overmaken aan een mij onbekend bedrijf, Credios, vanwege een onbetaalde nota van Famed, de instantie die normaal gesproken de rekeningen van mijn tandarts int. 

De nota had ik echter nooit ontvangen en zoals we allemaal weten, kun je beter niet zomaar op linkjes klikken die je in je mail ontvangt. Dus ik ging eerst maar eens een rondje bellen. Het bleek inderdaad dat ik een nota van mijn tandarts niet had betaald. Dat kwam omdat ik een foutje heb gemaakt: ik heb nooit een adreswijziging doorgegeven aan mijn tandarts. 

Vergeten, stom, maar daar is een verklaring voor. Het afgelopen jaar was voor mij een verwarrende en zeer vermoeiende tijd waarin ik een poosje geen echte eigen plek had en twee keer verhuisd ben. Een tijd waarin ik door een dal ben gegaan, verdrietig ben geweest en daarna mezelf, het plezier in het leven en de liefde heb hervonden. Een jaar vol ups en downs dus. En ik, die altijd in control is, was even niet alert geweest. Kan gebeuren toch?

Je verwacht dat wanneer je dat uitlegt aan: Credios (het incassobureau), Famed (de financieel dienstverlener) en de tandarts dat er met een hand over het hart wordt gestreken. Zeker omdat ik nog nooit een nota van mijn tandarts onbetaald heb gelaten. Maar nee, ‘het systeem’ liet dat niet toe. Het systeem kon mij wel direct als dubieuze debiteur noteren. Het systeem zorgde ervoor dat ik (foei! wanbetaler!) mijn eerstvolgende tandartsbezoek direct bij de assistente moest afrekenen. Het systeem kon er (anno 2019) niet voor zorgen dat Famed mij op tijd een mail stuurde met een signaal dat ik een nota niet had betaald want die doen alles alleen per post. Het systeem kon er wel voor zorgen dat Credios mij wel via de mail kon vinden alleen mochten die mij weer geen informatie verstrekken over de nota vanwege de AVG-wet. Ik begreep dat ik niet tegen het systeem op kon, drukte op het linkje en betaalde voor iets waarvan ik nu, een week verder, nog steeds niet weet waarvoor het precies is.

Mijn nieuwe stek is een heerlijk appartement. Een klein nadeel is dat het in een gebied ligt waar het betaald parkeren is. Zelf heb ik daar een vergunning voor en voor mijn bezoek heb ik een app waardoor zij minder hoeven te betalen. In die app voer je het kenteken in en hopla, het wordt van je tegoed afgeschreven. 

Natuurlijk wilde mijn zus even mijn nieuwe woning komen bekijken. Zij parkeerde haar auto en ik voerde het kenteken van haar auto in wat zij mij opgegeven had. Goed geregeld, toch?

Helaas, mijn zus had een foutje gemaakt, even niet goed opgelet. Ze had de letters van haar kenteken per ongeluk omgedraaid aan mij opgegeven. Dus toen ze weg wilde rijden zag ze dat ze een boete van 64 euro kon gaan betalen. Zij gaat nog bezwaar maken en ik hoop dat ‘het systeem’ toelaat dat het teruggedraaid kan worden omdat hier overduidelijk een menselijke fout is gemaakt. Maar ik vrees het ergste.

Natuurlijk zijn het geen onoverkomelijke bedragen en zijn het maar voorvallen waar je niet te lang bij stil moet staan. Mijn zus en ik kunnen ook na het betalen van onze boetes nog eten kopen. Maar het voelt zo onrechtvaardig. Wij zijn brave burgers. We kleuren over het algemeen keurig binnen de lijnen. We zijn geen oplichters, wanbetalers, profiteurs, beunhazen of criminelen.

We zijn mensen en maken stomme, lullige, kleine en gekke fouten. Maar dat mag niet. Mensen die foutjes maken worden gestraft. Direct en heel hard. Wij maken fouten in een tijd waarin het goed met ons gaat en we vrolijk door het leven vlinderen. Maar geloof me, wanneer het niet zo goed met je gaat dan maak je meer fouten en dan komt het nog harder aan wanneer je er dan zo voor wordt gestraft. En laten we wel zijn, niemand ontkomt aan een tijd waarin het wat minder gaat. Iedereen maakt wel eens iets mee waarvan hij uit zijn doen is en even niet zo scherp. Shit happens to everybody.

We leven in een tijd waarin ‘het systeem’ alles bepaald en niet de menselijke maat wordt gehanteerd. Dat maakt dat we allemaal onder hoogspanning leven. Dat hebben we misschien niet altijd in de gaten maar let maar eens op. Voortdurend zijn we bezig in ons hoofd: Heb ik dit of dat betaald, rijd ik niet te hard, heb ik mijn bonnetje bewaard of heb ik een abonnement op tijd afgezegd. Want hoed je voor een kilometer te hard, een dag, een uur, een minuut te laat of te vroeg.

Het levert de gelukkigen die sterk in hun schoenen staan al stress op. Laat staan de mensen die het leven wat minder goed aan kunnen. Het is niet zo gek dat er veel mensen afhaken of onderaan de maatschappelijke ladder belanden. Ik prijs me gelukkig met een gezond verstand, met het feit dat ik me nu goed voel en met lieve familie en vrienden om me heen. Maar wat nou als je niet zoveel geluk hebt? Hoe ga je je handhaven in een maatschappij die van je eist dat je perfect bent? 

Kunnen we niet nu en hier een ‘MenselijkeMaat-knop’ inbouwen in ‘het systeem’?

%d bloggers liken dit: