Een reactie plaatsen

Drie verhaaltjes in tachtig woorden

ImageVoor een wedstrijd van de VPRO schreef ik drie verhalen in 80 woorden. Niet gewonnen maar in dit geval was het meedoen echt belangrijker. Ik vond de uitdaging om een verhaal te reduceren tot de essentie erg leuk.

Oordeel zelf of het mij gelukt is. 

Pet

“Ik ben mijn pet kwijtgeraakt,” zegt hij. “U had toch geen pet op vandaag,” zegt ze. “Nee, hij was in het water gevallen.” “Wanneer dan? Gisteren toen u naar buiten was? “

“Nee, toen ik afscheid van haar moest nemen.” De oude man staart met zijn bleke blauwe ogen in de verte. “Ze was zo mooi, zo lief. Ik stond op het dek en zwaaide naar haar en toen viel mijn pet in het water. Nooit meer gezien. Haar ook niet.”

Asiel

Als ik haar vraag hoe ze hier terecht is gekomen zegt ze: “ik was dertien en ik was bang.” “Niemand sprak mijn taal.”

Meer vertelt ze niet. De angst in haar ogen zegt mij echter genoeg. Ze is nog steeds niet veilig, vecht elke dag voor haar vrijheid in de vorm van een verblijfsvergunning.

Ze doet haar best op school en verwondert zich over haar verwende klasgenoten.

Over China, het land wat haar niet terug wil, praat ze liever niet.

Water

Ze noemt de werelddelen waar ze waarschijnlijk nooit zal komen één voor één op. Haar gedachten dwalen af naar haar neef in Nederland. Hij schreef haar eens dat het water daar uit de muur komt wanneer je maar wilt en dat ieder gezin zijn eigen WC heeft die met schoon drinkwater doorgespoeld wordt.

Ze doet haar best om zich te concentreren maar het lukt niet meer. Terwijl ze boven haar huiswerk in slaap valt denkt ze glimlachend: “stel je voor.”

Een reactie plaatsen

Control freak

In de uitnodiging stond dat ik mijn auto niet bij de evenementenhal kon parkeren dus ik parkeer mijn auto op een parkeerplaats iets buiten de stad. Het vervoer vanaf daar is prima geregeld. Er staan bussen klaar om alle genodigden van daar naar het evenement te vervoeren. Ik stap in één van de bussen. Het is een ritje van maar tien minuten. Onderweg bekruipt me een ongemakkelijk gevoel.

Bijna vijf jaar zal ik geweest zijn. Ik was wat je toen nog een late leerling noemde. Mijn moeder had niet zoveel haast om mij naar de kleuterschool te brengen omdat ik de jongste van de vijf was en zij het nog zo gezellig vond om mij thuis te hebben. Het was toen ook nog niet zo strikt dus hoewel ik in december al vier was geworden ging ik toch pas na de eerstvolgende zomervakantie naar school.

Het regende die dag en ik mocht mijn mooie rode glimmende kaplaarsjes aan. Dat vond ik wel wat. Je wordt nu eenmaal met ijdelheid geboren of niet. Alles ging goed totdat ik in de klas zat en mijn moeder naar huis was. De juf vertelde dat alle kinderen die regenlaarzen aan hadden deze uit moesten doen en hun meegebrachte pantoffels aan moesten doen omdat het niet gezond zou zijn om de hele ochtend met de laarzen aan te lopen.

De paniek sloeg toe. Mijn mooie laarsjes uit? Ik had niet eens pantoffels mee. Moest ik dan op mijn sokken lopen? Ik voelde mij bloot. Hoe moest dat nou als ik naar huis zou gaan en ik kreeg mijn laarsjes niet terug? Die ochtend heb ik denk ik wel tien keer gevraagd of ik mijn laarzen weer aan mocht om steeds weer te horen dat dat pas mocht aan het einde van de ochtend. Juf werd boos. Dat versterkte mijn paniek alleen maar. Het was mijn eerste kennismaking met de onmacht die een control freak overvalt als hij de regie uit handen moet geven.

In de bus onderdruk ik de opkomende paniek. Ik weet dat het onzin is. Als ik dat wil kan ik elk moment van de dag terug naar mijn auto. Maar toch…

Een reactie plaatsen

Vroeger

Toen swingen nog gewoon dansen was

Liepen we in berenvellen in plaats van een jas

Een hipster was nog een onderbroek

En een happy ending was iets uit een sprookjesboek

Vet was alleen de grote eter

Ja, vroeger was echt alles veel beter

Een reactie plaatsen

Moederdag

Het is al lang geleden maar ik weet nog hoe het was. Dat als je trek had een kast opendeed en dat daar precies datgene lag wat je graag lustte. Als het op was dan vulde de voorraad zich op miraculeuze wijze aan. Elke avond lag er lekker eten op mijn bord, geen idee hoe het daar gekomen was. Wanneer de kat een muis had gevangen en half aangevreten op de deurmat had achtergelaten, hoefde je alleen maar hard ‘ieuw’ te roepen en als je dan een uurtje later keek, dan was er geen spoortje van die viezigheid meer te zien. De huiskamer, dat was ook zoiets, hoe goed ik ook mijn best deed om daar een spoor van modder, kleding, tassen en andere troep achter te laten, het bleef er nooit lang liggen.

Je moest er wel een offer voor brengen. Eén keer per jaar offerde je een klein deel van je tijd door een vreemd knutselwerkje te maken. Dat moest van school. Nooit begrepen waarom maar zolang de situatie in stand bleef zoals die was, wilde ik dat best doen. Wel een beetje raar dat die knutselwerkjes een paar weken bleven staan en dan verdwenen om nooit meer terug te keren. Waar ze dan bleven wist je niet. Later werd het makkelijker. Dan hoefde je alleen maar naar de Blokker te gaan om een mooi theekopje te kopen of zoiets.

In ander gezinnen was het wel eens anders. Daar offerden ze wel eens een mixer of een strijkbout en kregen er niet eens zo veel voor terug. Ik begon te denken dat ik misschien wel een prinses was.

Viel dat even tegen toen ik uit mijn ouderlijk huis vertrok. Ik heb het nog even geprobeerd. Dacht nog steeds dat als ik er niet naar keek dat dan de troep of dode dieren vanzelf weg zouden gaan.

Nu, vele jaren, weet ik waar mijn knutselwerkjes gebleven zijn en dat ze niet nodig waren om mijn prettige leventje in stand te houden. Net zo goed als dat ik ook geen cadeautjes van mijn kinderen met Moederdag verlang.

Mijn moeder was huisvrouw en ik kan met geen mogelijkheid aan haar tippen wat betreft het huishouden. Ik heb een hekel aan schoonmaken en opruimen en zou daar ook het liefst een andere mama voor inhuren. Maar mijn prinses en prins hebben een vergelijkbaar gemakkelijk leven hoewel ze daar zelf wel eens anders over denken.

In materiele zin verlang ik niets van ze op deze door de commercie in stand gehouden dag. Ik heb elk jaar maar één wens met Moederdag: een dag vrij.

1 reactie

Bezuinigen

Door grote pech was ik werkloos geworden. Niet leuk, zeker niet in deze duistere crisistijden. Ik prees me echter gelukkig dat ik in dit fijne land woon waar je kunt rekenen op een mooi sociaal vangnet. Zo kwam het dat ik een werkloosheidsuitkering bij het UWV vroeg en ook kreeg. Braaf als ik ben hield ik me aan alle regels, stuurde elk formuliertje keurig en snel terug en solliciteerde ik me suf. Ook al mijn sollicitaties gaf ik keurig door via de slechtste website allertijden, werk.nl.

Geen vetpot, zo een uitkering. Het was nauwelijks toereikend om de bodemloze put te dempen die mijn gezin is. Gelukkig zijn wij niet afhankelijk van mijn salaris alleen dus mij hoorde je daar niet over klagen. Ik ken mensen die het van minder moeten doen.

Twee maanden heeft het geduurd. Ik vond erg leuk werk bij een grote organisatie, precies passend bij wat ik zocht. Wederom was ik een blij en tevreden mens. Keurig meldde ik het direct aan het UWV en stuurde een kopie van mijn arbeidscontract op. Per 1 april had ik weer een baan. Geen grap. Serieus, ik ben een modelburger.

Eind goed al goed, zou je denken. Saai sprookje. Laat die olifant met zijn lange snuit maar komen. Ha, dat had je gedacht. Ik kreeg een alarmerend e-mailtje van mijn ‘servicemedewerker’ bij het UWV dat ze me telefonisch had willen bereiken omdat er in het betaalsysteem stond dat mijn uitkering met terugwerkende kracht per 20 februari zou worden beëindigd. Gelukkig was deze mevrouw wakker genoeg om te bedenken dat dit niet kon kloppen daar mijn contract pas per 1 april zou ingaan.

Nadat ik drie keer met mijn hoofd op het bureau van mijn nieuwe werkgever heb gebonkt en een diepe teug adem heb genomen stuurde ik haar een beleefde e-mail terug. Het beste mens kan er ook niets aan doen.

Ik heb eens zitten rekenen. Bovenstaand gevalletje heeft deze mevrouw bij elkaar een uur arbeidstijd gekost. Wat zou deze lieve dame verdienen? Vijftien euro per uur? Wat kost dat haar werkgever? Dertig euro? En alle overbodige post die ik in die twee maanden heb ontvangen? Ik tel twee keer een formulier met antwoordenveloppe waarop ik moest invullen hoeveel uur ik er bij had gewerkt omdat ik volgens hen iets erbij deed. Wat niet zo is. Toen ik al lang en breed aan het werk was kreeg ik een uitnodiging voor een workshop om mijn sollicitatie-techniek te verbeteren. Ik belde het nummer op de uitnodiging wat je moest bellen als je verhinderd was maar moest het toch weer via werk.nl doorgeven aan mijn e-coach.

Al met al schat ik in dat het UWV op deze manier minstens vijftig euro verspild heeft en dat bij twee maanden werkloosheid. Vermenigvuldig dit met het aantal werklozen. En je komt op een bedrag van 23.250.000 euro uit. Een slordige 11.500.000 per maand. Ik heb mijn berekeningen een paar keer nagekeken. Je gaat toch aan jezelf twijfelen.

Hoeveel kunnen we bezuinigen als we dit soort logge organisaties beter laten functioneren? Ik  ben geen econoom, slechts iemand met een gezond verstand. Wie het weet mag het zeggen maar ik denk: heel veel. Misschien kunnen we met het geld wat we dan overhouden de werkloosheid echt aanpakken.

Image

1 reactie

Ontroerende mannen

Het overkomt mij best vaak. Ik ben een echte huilebalk. Als iets mij raakt springen de tranen mij alweer in de ogen. Kinderen die hoopvol sinterklaasliedjes zingen, foto’s van babydieren of juist hele oude, mensen die om wat voor reden dan ook verdriet hebben, laat het mij zien en horen en ik houd het niet droog. Dan hebben we het er nog niet eens over als het om mijn eigen kinderen gaat. Staan ze op een podium of is er iets met ze gaande, positief of negatief, gegarandeerd heb ik prikkende rode oogjes. Daar kan ik niets aan doen. Mijn hele familie is zo.

Het meest raak ik ontroerd door dieren of kinderen maar soms heb ik dat opeens ook met mannen. Er zijn mannen die mij tot in het diepst ontroeren. Het heeft niets te maken of ik ze aantrekkelijk vind. Het zijn niet persé mooie mannen.

Als ik er zo over nadenk zijn het altijd mannen die een zachte kant laten zien in combinatie met een bepaalde onhandigheid. Het gaat om mannen die zelf tot in hun ziel geraakt worden en niet bang zijn om dat te tonen, niet angstig zijn dat ze daar minder mannelijk van worden. Ze worden er in mijn ogen juist stoerder van.

Over wat voor mannen heb ik het dan? Niet de filmsterren waar elke vrouw het warm van krijgt. Ik heb het over Dolf Jansen die een gedicht over zijn kinderen voorleest. Als iedere papa zo over zijn kinderen denkt en dat op die manier uit wordt de wereld mooier. Het gaat over Bart van der Weide, zanger van de band Racoon, die de gave heeft dat hij mooie liedjes maakt, ook nog een fijne stem heeft en dan heel onhandig en verlegen doet als hij daarvoor een prijs krijgt.

Nico Dijkshoorn, ook zo iemand. Groot, grof en een beetje sociaal onhandig. Als hij over zaken schrijft die hem raken, dan komt dat rechtstreeks mijn hart binnen walsen. Gaat hij er nog gitaar bij spelen zoals bij zijn ode aan de stervende Levon Helm van The Band dan pak ik mijn zakdoek er weer bij. Colin Benders (Kyteman) bereikt hetzelfde. De mix van prachtige muziek maken, zijn idealisme en daarbij nog zo een aardig en bescheiden mens zijn doet mij smelten.

De beste kerels hoeven niet bang te zijn. Ik ben geen stalkende, dwepende fan, ik zal geen dagen voor hun deur doorbrengen in de hoop een glimp van ze op te vangen maar ik zou ze slechts willen zeggen: “Heren, gij ontroert mij”.

 

Een reactie plaatsen

Gedenktekens

ImageIn het bos waar ik vaak met mijn honden wandel  kom ik wel eens langs een plek waar een verwarde eenzame en depressieve vrouw een einde aan haar miserabele leven heeft gemaakt.  Op een koude nacht is ze daar moederziel alleen gestorven. Dit gebeurde zo een twee jaar terug. Ik had het zwaar te doen met het arme mens. Hoe wanhopig moet je zijn.

Op de bewuste plaats  ligt een verzameling aan prullaria. Een potje met een plastic plantje, een Kwantumpje,  schat ik zo in, een plastic molentje en nog meer troep wat op een gemiddelde koninginnedag niet zou misstaan. Erbij ligt een geplastificeerd briefje met onder andere de tekst: “moeder, wat heb je ons aangedaan”.

Niet:  “arme schat, was je dan zo eenzaam?”, of: “lieve mama, wat kut voor je dat je zo alleen in dat koude, donkere bos doodging” .  Nee, wat heb je ONS aangedaan. Ik begin bijna te snappen waarom de vrouw er uit gestapt is. Wat een  egoïsten, die kinderen.

Maar afgezien van de inhoud van het briefje vraag ik me ook af wat het daar doet. Samen met die plastic troep. Waarom moet die plaats voor altijd bezet blijven met deze zooi. Richt lekker thuis een altaar in. Maak een mooi plekje op zolder als je het niet in je huiskamer wilt hebben. Geef het mens een mooi graf of een urn en zet daar je goedkope kunststof ficus bij. Waarom moet je het zo in het openbaar etaleren?

Ook langs de kant van de weg. Je kun geen honderd meter rijden of er staat wel een wieldop met een strik of er hangt een foto aan een boom  of staat er een kruis in de berm.  Het stoort me. Het leidt af en ik heb er niets mee te maken.

Ik voel met ze mee hoor, ik weet hoe het is als iemand uit je leven wordt gerukt  door een stom ongeluk en ik vind het oprecht erg voor de nabestaanden dat ze één van hun liefjes moeten missen. En dat er vlak na een ongeluk bloemen worden neergelegd op de plaats waar het gebeurt is snap ik wel. Mensen willen toch uiting geven aan hun gevoelens maar na een week is het klaar. Dan moet de veegploeg komen, alles opruimen en moet de waan van de dag weer door.

Want als de achterblijvers oprecht van de dode gehouden hebben is het  gedenkteken in hun hart voldoende.

1 reactie

Lollig

Wij vinden onszelf lollig. We liggen in een deuk om onze grapjes, vullen elkaar moeiteloos aan en hebben maar een half woord nodig of de tranen schieten ons al in de ogen. Snel zijn we. De een nog meer ad rem dan de ander. Een serieus gesprek kan zomaar van het ene op het andere moment in een gierende lachbui omslaan omdat de één in al zijn passie een rare verspreking doet waar direct een ander bovenop springt en het in het volkomen belachelijke trekt. Heerlijk. Ik geniet van de momenten waarop dit gebeurt. Het doet mij uitkijken naar de spaarzame ogenblikken waarop wij als familie voltallig bij elkaar zijn.

Vinden anderen ons grappig? Ik weet het niet. Wijzelf hebben het gevoel dat er aan ons een cabaretgroep verloren is gegaan maar ik heb mensen van buiten onze familie wel eens vertwijfeld stilletjes op de bank zien zitten tijdens een verjaardag. Niet wetende wat ze er van moesten denken. Toegegeven, we zijn zo nu en dan in de ogen van anderen misschien wat grof. We zijn een tikje anarchistisch, hebben lak aan sommige heersende normen en waarden en zetten onze vraagtekens bij wat “men” als normaal accepteert.

Is mijn familie dan echt zo bijzonder? Ik denk van niet. Schuif als vreemde eend in de bijt eens aan bij een willekeurig familiefeestje en je voelt direct dat je, hoewel je erg welkom bent, er niet bij hoort. Hoe groter de familie, hoe erger het is. Er worden grapjes gemaakt waar je geen hout van snapt. Anekdotes die teruggrijpen naar voorbije gebeurtenissen waar je geen deel van hebt uitgemaakt. Moppen getapt waar je hooguit een glimlach van op je gezicht krijgt. Terwijl zij met waterige oogjes van het lachen je aankijken en jij jezelf forceert tot een gulle lach.

Is dat erg? Nee! Dat is hoe het hoort. Het is wat de familieband zo bijzonder maakt. Het is het warme bad waar je iedere keer weer in wilt stappen. Het is de veiligheid dat je weet dat ondanks de verschillen die er zijn, je geaccepteerd wordt zoals je bent. Het is wat je met slechts enkelen op deze aarde deelt. Je familie die je via een bloedband hebt en de familie die je om je heen hebt verzameld in de vorm van een paar bijzondere vrienden.

Image

1 reactie

Vrouwendag

Gisteren was het Internationale Vrouwendag. Daar werd ik niet blij van. Ik ben altijd een tikje idealistisch maar ik was toch echt in de veronderstelling dat ik in een vooruitstrevend land woon. Dat viel tegen. Stom natuurlijk. Ik had kunnen weten dat Nederland steeds verder afglijdt naar een eng, conservatief, bekrompen landje.

Overdag werd ik al niet vrolijk van alle lollige of soms ronduit agressieve berichten op Twitter die sommige mannen en ja hoor, ook vrouwen, meenden te moeten spuien met hashtag vrouwendag. Dus ik heb daar niet meer naar gekeken. Ook gestoorde mensen hebben recht op vrije meningsuiting.

’s Avonds installeerde ik me voor de TV om mijn favoriete programma’s te bekijken. Om te beginnen met De Wereld Draait Door. Naïef als ik ben verwachtte ik dat Vrouwendag een serieus onderwerp zou zijn in dit programma wat volgens mij toch door intelligente mensen wordt gemaakt. Niets van dit alles. Claudia de Breij zat er een beetje te walgen van het feit dat nu juist zij er iets serieus over moest zeggen. Er was een filmpje wat “ode aan de vrouw” werd genoemd wat bestond uit vrouwen die in bikini de meest domme dingen deden. De Jakhalzen, waarvan er één een roze stropdas om had “voor de vrouwtjes”, deden ook een duit in het zakje door met een Britse feministe alleen maar over seks te praten. Enig lichtpuntje was Ronald Plasterk die iets zinnigs zei over de economische positie van vrouwen in ons land maar dat was tien seconden en daarna konden we “gelukkig” weer door naar, jawel, het onderwerp voetbal.

Op de radio was het die dag ook al niet veel soeps. Er waren Dj’s die een speciaal vrouwenprogramma hadden gemaakt maar dit bestond uit liedjes van James Brown (zo een lekkere vrouwvriendelijke man, zeg maar) of Lady Marmalade van LaBelle. Misschien heb ik het gemist maar waar waren alle nummers van Anouk? Om maar iemand te noemen.

Hoopvol keek ik bij uitzending gemist naar het acht uur journaal. Vrouwendag werd niet eens genoemd bij de hoofdonderwerpen. Pas laat op de avond, bij Pauw en Witteman, zag ik Neelie Kroes en ging het er eindelijk over dat we met zijn allen wel kunnen denken dat alles zo goed gaat in dit land maar dat vrouwen nog steeds onderbetaald krijgen ten opzichte van mannen met hetzelfde beroep en dat we onze meisjes bewust moeten maken dat ze voor zichzelf moeten kunnen zorgen en dat ze de ICT-boot niet mogen missen. Dit maakte het weer een beetje goed. Wát een vrouw die Neelie.

Dat er ook mannen zijn die verder denken dan hun piemel lang is bewijst Nico Dijkshoorn die een column in dagblad de Pers schreef waarin hij iedereen die Lutz Jacobi in de media belachelijk heeft gemaakt vanwege haar uiterlijk een spiegel voorhoudt.

Internationale Vrouwendag. Waarom is die dag er ook alweer?

 

Column Nico Dijkshoorn: http://www.depers.nl/binnenland/635832/Lutz-Jacobi.html

Een reactie plaatsen

Kan ik niet

Mijn levensmotto is al jaren dat ik alles kan, totdat bewezen is dat ik het niet kan en dan kan ik het nog altijd leren. Nu wil ik niet arrogant overkomen maar ik kan ook veel. Daar ben ik best trots op. Sommige dingen kan ik gewoon en andere zaken heb ik me met veel doorzettingsvermogen eigen kunnen maken. Mijn levensmotto heeft me vaak steun verschaft. Als ik iets moet doen waar ik slappe knieën van krijg dreun ik mijn kreet als een mantra een paar keer voor mezelf op. Het geeft me de bravoure die ik soms nodig heb om zaken voor elkaar te krijgen en die ik van nature mis. Ik ben best een bange poeperd. Hoewel er ooit eens iemand is geweest die tegen me zei: “een echte held is niet degene die zonder angst leeft. Een echte held is degene die het gevaar ziet, bang is en toch op zijn doel afgaat.”

“Dat kan ik niet,” zul je mij dus niet snel horen zeggen. Ik ben dan ook erg verbaasd als ik tegen een beperking oploop. Zo heb ik ontdekt dat als er een cijfer aan iets gegeven moet worden, ik dat niet kan. Enquêtes of evaluatieformulieren ga ik het liefst uit de weg. “Geef aan op de schaal van één tot tien hoe nuttig u deze informatie vond.” Eeeeehhh! Geen idee. Ik doe maar wat. Het is te abstract voor me, denk ik.

Richtinggevoel. Ook zoiets. Ik heb het gewoon niet. Met veel moeite heb ik mijzelf trucjes aangeleerd om toch op de plaats van mijn bestemming aan te komen. Als ik ergens naar toe moet waar ik nog nooit geweest ben dan print ik kaarten en routebeschrijvingen, zet ik mijn navigatiesysteem aan, ga een half uur eerder van huis omdat ik ondanks al mijn voorzorgsmaatregelen het presteer om toch nog fout te rijden. En niet alleen de eerste keer. Ik moet er minstens twee of drie keer heengereden zijn wil ik een beetje weten hoe ik moet rijden. Als ik een winkel uit kom sta ik eerst als een hert heen en weer te kijken voordat ik weet uit welke richting ik ook alweer kwam. Mijn lief snapt er niets van. Ik heb het hem geprobeerd uit te leggen aan de hand van iets wat hij me eens verteld heeft. Lang geleden was hij in een woestijn. Hij vertelde mij dat het vervelende met een woestijn is dat het zo lastig oriënteren is omdat het landschap constant veranderd. Zo voel het voor mij altijd. Ik heb er inmiddels wel mee leren om te gaan maar ik kán het niet.

Voorheen zou ik me er voor geschaamd hebben om dat toe te geven. Tegenwoordig niet meer. Best lekker om af en toe hardop te zeggen dat je iets niet kunt. Ook als je het eigenlijk wel kan. “Kun jij?…” en dan voordat de ander zijn zin heeft afgemaakt: “Nee, kan ik niet”